Tsegtu?

Tsegtu?

Als je een taal leert uit een boek, zoals de meeste anderstaligen doen die twaalf jaar of ouder zijn, leer je dat woorden allemaal apart geschreven zijn. Het is wel even schrikken als je dan de ‘man in the street’ hoort praten.. 

Een cursist vroeg ons een keer wat “ammal” (allemaal) betekende, toch lastig als je dat niet weet. Nog moeilijker wordt het als mensen tuukniet (natuurlijk niet), buvobult (bijvoorbeeld) of zodak (zodat ik) horen, waarbij de spreektaal wel heel ver verwijderd is van de schrijftaal. Dit brengt sommigen ertoe om te zeggen dat Nederlanders zo slordig spreken, maar daar heeft het niets mee te maken. Ook het verstaan van de Franse taal geeft dergelijke problemen, zoals de meeste Nederlanders hebben ervaren die met hun schoolfrans een gesprek probeerden te voeren met Fransen.

 

In veel talen is er een groot verschil tussen geschreven en gesproken taal, klanken worden weggelaten of toegevoegd, woorden worden op een bepaalde manier aan elkaar verbonden.
Anderstaligen worden vooral buiten de les hiermee geconfronteerd. Mirjam Ernestus, die onderzoek doet naar de ‘gereduceerde spraak’ zegt hierover dat er verschillende oorzaken zijn aan te wijzen: behalve door het leren uit een boek, waar de woorden uiteraard geheel uitgeschreven staan, speelt ook mee dat de audio-opnamen van de lesmethoden meestal rustig gesproken zijn. Ook NT2-docenten zullen bij het lesgeven meestal hun spreektempo vertragen, en geen delen van woorden inslikken. Zo krijgen volwassen taalleerders dus weinig ervaring met gereduceerde vormen, in tegenstelling tot kinderen die in hun moedertaal van jongs af aan gereduceerde spraak horen.
Mogelijk is ook de gevoeligheid voor kleine klankverschillen bij volwassenen minder dan bij kleine kinderen. Dan horen mensen het niet als van ik nog maar ‘k overblijft: keptsodruk, of van wat alleen ‘t: tisser.

Jij nog wat gehoord? Nee, niets gehoord. Doe ik.

Uit onderzoek van Loes Oldenkamp is gebleken dat uitgangen zoals –t en –en vrij onopvallend zijn in normale spraak, en daardoor moeilijk te herkennen en te leren voor anderstaligen. Helaas zijn dit precies de belangrijke uitgangen van meervoud en werkwoorden. Zo blijkt dat fouten die veroorzaakt lijken te worden door tekort aan grammaticale kennis, in werkelijkheid hun oorzaak vinden in een luisterprobleem.

 

En behalve klanken laten sprekers ook woorden weg. Vaak woorden aan het begin van een zin of vraag: Jij nog wat gehoord? Nee, niets gehoord. Doe ik.

 

En dan zijn er nog de woorden die we nooit geschreven zien, zeker niet in een leerboek NT2. Behalve de voor de hand liggende: scheldwoorden of straattaal, of woorden die met seks te maken hebben, zijn er veel voorkomende vormen in de spreektaal die we nooit schrijven.
Snapjet? Bakkie doen, hartstikke. Wat spreken mensen hartelijk toch vreemd uit, zei eens iemand, het lijkt op hartestuk.

Hoe leer je spreektaal?

Het is duidelijk dat de leerder dit soort zaken niet uit een boek kan leren en er wordt lang niet altijd in leergangen aandacht aan besteed.
Op welk moment en op welke manier kan de docent hier aandacht aan besteden?
Bij beginnende leerders is het leren luisteren naar woorden, het woord voor woord verstaan, het herkennen van woorden heel belangrijk. Als daar in de les geen tijd voor is, kan het zelfstandig met een van de apps (SpreekBeter en SchrijfBeter) werken een mooie aanvulling vormen.
Het leren verstaan en begrijpen van spreektaal, inclusief de spreektaalwoorden, moet door heel veel luisteren geoefend worden. . Nu bijna alles ook op internet te zien is, kan dat ook op de pc, en dus buiten de lessen. Het gaat daarbij om veel herhaling. En niet over inhoud, dus er hoeven nu eens niet vragen over de tekst behandeld te worden. Een hele opluchting, zowel voor de docent als voor de cursist.

Spreekbeter

De app SpreekBeter bevat luister- en naspreekoefeningen voor zinsaccent en de serie Spreektaal, met luister- en naspreekoefeningen voor gereduceerde spraak.

Read more
Schrijfbeter

De app SchrijfBeter heeft ook een serie met verbonden spraak, luisteren en schrijven.

Read more