Gratis bezorgd binnen NL vanaf € 20,-
Meest complete NT2-assortiment
Wereldwijde verzending
Door drukte bij onze leveranciers kan het zijn dat je bestelling later bezorgd wordt.
×
Terug naar dossier Staatsexamen NT2 Programma II | niveau B2

Staatsexamen NT2 Programma II | niveau B2

Het Staatsexamen NT2 Programma II toetst of jouw kennis van de Nederlandse taal voldoet aan de criteria van taalniveau B2. Het examen bevat de onderdelen Lezen, Luisteren, Schrijven en Spreken. Het Staatsexamen NT2 Programma II is moeilijker dan het Staatsexamen NT2 Programma I. Je moet een hoger niveau Nederlands hebben om het examen te halen.

Voor wie?

Iedereen vanaf 17 jaar mag het Staatsexamen NT2 Programma II doen. Het maakt niet uit welke nationaliteit je hebt en welke opleiding je hiervoor hebt gedaan. Mensen kunnen om verschillende redenen kiezen voor Programma II, bijvoorbeeld:

 

  • Omdat ze moeten inburgeren.
  • Omdat ze een opleiding willen volgen op hbo-niveau of aan de universiteit.
  • Omdat ze hun kansen op een baan op hbo- of universitair niveau willen vergroten.

 

Als je een opleiding wilt doen op mbo-niveau of je wilt jouw kansen op een baan op mbo-niveau vergroten, dan kun je er beter voor kiezen om Staatsexamen NT2 Programma I te doen. Dit examen is iets minder moeilijk dan het Staatsexamen NT2 Programma II. 


Twijfel je over welk examen je het beste kunt doen? Lees dan het artikel ‘Kies het juiste traject: bepalen welk examen je gaat doen’ >

Onderdelen

Het Staatsexamen NT2 Programma II bestaat uit vier examenonderdelen:

 

Lezen

Het examen Lezen toetst jouw leesniveau op B2. Op dit examen laat je zien dat je globaal kunt lezen, dat je precies en intensief kunt lezen, en dat je specifieke informatie kunt opzoeken in een tekst. De teksten van het examen gaan over het dagelijks leven, over werk en over onderwerpen die behandeld worden in een opleiding. Het zijn bijvoorbeeld informatiefolders, advertenties, artikelen uit tijdschriften of handleidingen van apparaten. In Programma II worden meer moeilijke woorden gebruikt dan in Programma I. Ook zijn in Programma II beschouwende teksten belangrijker; dit zijn artikelen uit tijdschriften over werk en opleiding met meningen van verschillende mensen. 

 

Luisteren

In het examen Luisteren spreken een of meer mensen over situaties die kunnen voorkomen op het werk, op school of in het dagelijks leven. Je moet de belangrijkste dingen uit een audiofragment kunnen begrijpen (dit heet globaal luisteren) en je moet de juiste informatie uit een audiofragment kunnen halen (dit heet selectief luisteren). In Programma II zijn de woorden en onderwerpen wat moeilijker dan in Programma I. Verder zijn in Programma II beschouwende teksten belangrijker, met meningen van verschillende personen.


Schrijven

Het examen Schrijven bestaat uit schrijfopdrachten. Je moet in dit examen een aantal zinnen schrijven en een brief, tekst of formulier aanvullen. Daarnaast moet je een korte en een middellange tekst schrijven. Met jouw tekst moet je verschillende vaardigheden laten zien, zoals:


Informatie geven en vragen
Een mening geven en vragen
Een probleem beschrijven en een voorstel doen voor een oplossing

 

Spreken

Bij het examen Spreken van Programma II krijg je drie soorten opdrachten: korte, middellange en lange spreekopdrachten. In de korte spreekopdrachten moet je een paar woorden of een paar zinnen zeggen. In de middellange spreekopdrachten moet je wat uitgebreider reageren. Je krijgt bij deze opdrachten wel wat meer tijd om erover na te denken. Bij de lange opdrachten moet je twee keer twee minuten over een onderwerp praten. Het examen toetst of je bijvoorbeeld informatie kunt vragen en geven, of je je kunt verontschuldigen, of je jouw mening kunt geven en of je iets kunt beschrijven. Je maakt het examen Spreken op de computer: je hoort de opdracht via een koptelefoon en het computerscherm, je spreekt jouw reactie in door een microfoon en je leest de antwoorden op het computerscherm. Je krijgt bij elke vraag 20 of 30 seconden om het antwoord in te spreken.

 

Bekijk de uitgebreide beschrijving van de examenonderdelen op de website StaatsexamensNT2.nl >

Lesmateriaal voor Staatsexamen NT2 Programma II | niveau B2

Het niveau waarop je het Nederlands moet beheersen om het Staatsexamen NT2 Programma II te halen, is het taalniveau B2. Er zijn allerlei lesmaterialen die je kunt gebruiken om toe te werken naar dit taalniveau. Welke materialen je gebruikt hangt af van jouw huidige niveau en van hoe je studeert.


Ga je zelfstandig Nederlands leren, zonder naar school te gaan?
De reeks Delftse methode is het meest geschikt voor zelfstudie en bevat studieboeken voor alle taalniveaus. Met de Delftse methode bereid je je niet alleen goed voor op het Staatsexamen NT2, maar leer je het Nederlands vooral praktisch gebruiken. De focus van deze methode ligt daarom op leren spreken en verstaan.


Wil je groepsgewijs studeren, bijvoorbeeld samen met een vriend of vriendin?
Wanneer je Nederlands gaat leren in groepsverband, bijvoorbeeld samen met vrienden, zijn de methodes in de reeks NT2 op maat heel geschikt. Deze methodes zijn speciaal ontwikkeld als voorbereiding op het Staatsexamen NT2.


Is jouw Nederlands al op B2-niveau en wil je vooral oefenen voor het examen?
Met de examentrainer De finale kun je gericht oefenen voor alle onderdelen van het Staatsexamen NT2 Programma II. Wil je oefenen met een specifiek onderdeel van het examen? Gebruik dan een van de andere examentrainers.

 

Bekijk welk studieboek bij welk taalniveau past in de onderstaande afbeelding

Infographic leerlijnen

 

Verder lezen

Heb je besloten welk examenprogramma je gaat doen? Lees dan meer over hoe je je het beste kunt voorbereiden op het examen op de pagina ‘Hoe bereid ik me voor op het Staatsexamen NT2?’.

Lees meer