Opbouw en didactiek

Natuurlijk, zorgvuldig en uitnodigend

LINK  is dermate zorgvuldig opgebouwd dat cursisten in een natuurlijke flow, via kleine stapjes, op uitnodigende, activerende manier Nederlands leren. Met cumulatief aangeboden woorden en cyclisch opgebouwde grammatica. LINK  zorgt daarbij voor een grondige inhoudelijke voorbereiding op de productieve taken, met het ABCD-model als grondslag. Zo durven cursisten ook buiten de les te spreken en te schrijven. 

Er zitten geen opdrachten in LINK  die je als cursist niet snapt. Alles is zorgvuldig getoetst. Met de aangereikte bouwstenen kan de cursist écht bouwen.


Bij het maken van LINK  hebben de auteurs zich steeds afgevraagd: ‘Zeg je dit zelf ook zo?’, ‘Maakt dit de tongen los?’. De bronteksten zijn op basis van authentieke, actuele, prikkelende teksten. Alles is functioneel en herkenbaar. Na uitgebreid oefenen zijn cursisten in staat tot een productieve taak te komen, waarin ze inhoud en vorm kunnen verbinden. De resultaten zijn motiverend!

"De klas sprankelt weer"

LINK is anders

LINK 0>A2 biedt cumulatief tweeduizend woorden aan. In het eerste thema krijgt de cursist honderd leerwoorden aangeboden, daar wordt mee geoefend. Thema twee herhaalt voor een deel deze woorden, ze komen op natuurlijke wijze terug. Tevens biedt thema twee weer honderd nieuwe leerwoorden aan, enzovoort. 

 

De grammatica is cyclisch opgebouwd. Grammatica die niet is behandeld zit meestal niet in de bronnen verwerkt, tenzij je er niet omheen kunt. Meer over de didactische verantwoording van grammatica in LINK  lees je hier.

  

LINK is een thematische methode; in twintig thema’s doorloopt de cursist meer dan voldoende oefenstof om het inburgeringsexamen goed te maken. Door lineair door de thema’s heen te gaan maakt u optimaal gebruik van de opbouw. Gaat u liever thematisch te werk, dan kan dat ook.  

 

In LINK wordt bovengemiddeld aandacht besteedt aan realistische spreekopdrachten.