Wat is de Delftse methode?

Achtergrond en opzet van de leerlijn

Al ruim 35 jaar leren anderstaligen succesvol Nederlands met de Delftse methode. De reputatie van deze communicatieve leerlijn was jaren geleden in een oogwenk gevestigd: de methode is dwars en totaal anders dan andere methodes, maar uiterst effectief. Hier leest u alles over de achtergrond en opzet van de Delftse methode.

De Delftse methode is een communicatieve leerlijn die aansluit bij de doelen van anderstaligen: het kunnen verstaan, spreken, schrijven en lezen in het Nederlands. In plaats van een traditionele les waarbij de docent spreekt en de cursist luistert, draait het bij de Delftse methode om interactie en zelfstandig leren. Alle lessen zijn in de eerste plaats conversatielessen. Voorbereiding geschiedt thuis, de les is om te praten.

 

De grondstof van elke les is een tekst die de cursisten thuis leren, met behulp van hun boek, audio- en oefenmateriaal online (met feedback) en een woordenlijst met ondersteuning in de moedertaal (de vertalingen zijn in 27 talen beschikbaar). In elke tekst worden onderwerpen en thema's (kennismaken, familie, reizen, feestdagen), met bijbehorende woorden en zinnen, aangereikt, die tijdens de les dienen als gespreksstof.

 

Als docent treedt u tijdens de les hoofdzakelijk op als gespreksleider. U stelt vragen, moedigt iemand aan en geeft de beurt, maar laat vooral de cursisten aan het woord en toetst zo hun tekstbeheersing. Hierbij gebruikt u uitsluitend bij de cursisten bekende woorden - dat wil zeggen, de woorden die in de teksten zijn aangeleerd. Feedback geeft u gedoseerd en alleen als er sprake is van een daadwerkelijk misverstand in betekenis; zolang het gesprek goed loopt, laat u de cursisten praten en elkaar zo nodig verbeteren of helpen.

 

Naast spreek- en luistervaardigheid, wordt bij de Delftse methode ook grammatica zoveel mogelijk zelfstandig geleerd. In plaats van uitgebreide uitleg, met terminologie, laat de methode (en de docent tijdens de les) de cursist door voorbeelden zelf patronen ontdekken en het systeem doorgronden.

De Delftse methode in een notendop

1. Alles lessen zijn conversatielessen.

2. De gesprekstof wordt aangeboden in teksten.

3. De meest frequente woorden van het Nederlands zijn in de teksten verwerkt.

4. De cursisten leren de tekst met behulp van het tekstboek en geluidsopnames. 

5. De conversatie gaat uitsluitend over onderwerpen die besproken kunnen worden met woorden en zinnen uit de teksten. 

6. De docent treedt gedurende de les als gespreksleider op en stelt tegelijkertijd de tekstbeheersing van de cursisten op de proef.

7. Betekenis en uitspraak van woorden en hun grammaticale verbanden worden geleerd via de teksten.

8. Elke les kent een moment van individuele toetsing, ofwel met een digitale luistertoets ofwel met een papieren gatentoets of dictee.