Taal van de verpleging

Extra info en het bijbehorende lesmateriaal

Wat moet een buitenlandse verpleegkundige weten die in een Nederlandse Zorginstelling gaat werken? Welk soort Nederlands moet de ‘broeder’ of ‘zuster’ kunnen verstaan en spreken?

Het is duidelijk dat de taal van de verpleging meer is dan alledaags Nederlands. Allerlei specifieke termen, zoals ‘tillift’ of ‘voedingslijst’, zijn in de zorg heel gewone en veel gebruikte woorden. Verder is het uitermate belangrijk dat je begrijpt wat de patiënt of bewoner bedoelt, maar óók wat de arts zegt en wat je collega je bij de overdracht wil meedelen.

 

Doelgroep/Niveau
A2 → B1
De taal van de verpleging is een methode bedoeld voor anderstalige verpleegkundigen met kennis van het Nederlands op niveau A2. Met De taal van de verpleging kan de cursist zich voorbereiden op de talige kanten van het werken in een zorginstelling.

 

Inhoud
De bundel bevat informatie over diverse aspecten van de gezondheidszorg in Nederland; vooral de dagelijkse gang van zaken in Nederlandse zorginstellingen komt aan bod. De meeste teksten worden gevolgd door twee of meer gesprekken. Deze gesprekken zijn representatief voor de interacties tussen patiënten en verzorgers, voor de formelere evaluatiegesprekken in het bijzijn van verpleeghuisarts en maatschappelijk werker, maar ook voor informele koffiepauzegesprekken tussen verpleegkundigen onderling.

 

Dit lespakket bevat:

  • Tekstboek met 28 lessen, gatenteksten, oefeningen en grammatica. De gesprekken en audiobestanden zijn gratis te downloaden in het kader onder aan deze pagina; 
  • Woordenlijsten in het Engels, Pools, Litouws en een losse woordenlijst in het Spaans;
  • Handleiding voor docent en cursist.

Extra online materiaal: cursisten

Audio

Woordenlijst

Extra online materiaal: Docenten

Hieronder vindt u het docentenmateriaal bij De taal van de verpleging en de Delftse methode in het algemeen.